N-VA heeft geheime agenda, zegt De Block

Maggie De Block vermoedt dat haar voorganger op Migratie, Theo Francken, een geheime agenda heeft. Die laatste had gezegd dat zij de begroting laat ontsporen door extra opvangcapaciteit te willen creëren. Een non-argument, volgens De Block. Volgens Francken, die zich de populairste politicus van het land weet –ook over de taalgrens- kon de N-VA de begroting niet goedkeuren, omdat die door het nieuwe asielbeleid van de minister dreigt te ontsporen. Eerder had zijn partij dat wel gedaan aan de regeringstafel en in de commissievergaderingen van het parlement.

“De creatie van meer opvangplaatsen voor asielzoekers gaat miljoenen kosten”, zegt Francken, “en dat geld zit niet in de begroting.” De tweede reden is van technische aard: nu de regering haar beleid wijzigt, is N-VA niet meer verplicht om dat beleid te steunen. “Een begroting is gekoppeld aan beleid. Daarvoor heb je ministers nodig die dat dag na dag monitoren.” Maar als N-VA geen ministers meer heeft om een oogje in het zeil te houden, waarom zou de N-VA dan nog de begroting steunen, redeneert Francken, die in het verleden niet uitblonk in begrotingsdiscipline en meer tijd besteedde aan zijn twittercampagne dan aan een actief beleid. Volgens De Block trof ze bij de overname 10 dagen geleden een puinhoop aan.

De Block gelooft de argumentatie van Francken niet, zei ze in Villa Politica. De begroting gaat helemaal niet ontsporen. “Bij elke begrotingscontrole kunnen er middelen uit de provisie worden gevraagd om de schommelingen in de asielstroom op te vangen. Francken deed dat zelf altijd, ik ga dat ook vragen”, zei ze. “Er zijn andere redenen waarom de N-VA de begroting niet zou goedkeuren. ‘Misschien wel omdat hij het niet meer eens is met ons sociaal-economisch beleid, of om stoer te zijn of in campagnemodus te gaan. Maar hij moet dat dan ook zeggen.”

Een van de gevolgen van de val van de regering is dat de uitvoeringsbesluiten voor een aantal maatregelen die De Block genomen heeft in het gedrang komen en dat deze daardoor een maat voor niets dreigen te worden. Zo dreigt de finale fase van de netwerkopbouw vertraagd te worden, want ziekenhuisnetwerken hebben ook bestuurlijke en politieke gevolgen en die kaarten zullen nu op 26 mei 2019 opnieuw geschud worden.

Marc van Impe

Bron: Mediquality

Ziekenfondsen worden duurder en blijven ondoorzichtig

De twee grootste ziekenfondsen van het land, de Christelijke Mutualiteit (CM) en de Socialistische Mutualiteit, worden volgend jaar een stuk duurder. Slechts één ziekenfonds laat zijn bijdrage zakken. Zowel de prijzen als de terugbetalingen worden stilaan geharmoniseerd, waardoor sommige leden hun bijdrage gevoelig zullen zien stijgen.

Gemiddeld moet een Vlaams gezin met één kind ten laste zo’n 176 euro per jaar betalen. Dat is bijna 6 procent meer dan in 2018. De stijging loopt op tot van ongeveer 20 tot 25 procent, die “noodzakelijk is om alles te kunnen blijven betalen.” Bovendien voert de CM vanaf januari een franchise in van 30 euro per jaar voor remgeld en schaft het heel wat extra tegemoetkomingen, zoals voor homeopathie, af. In Wallonië is vooralsnog geen sprake van een tariefverhoging maar daar ligt de ziekenfondsbijdrage voor een vergelijkbaar gezin op 235 euro per jaar.

Ter vergelijking: de honoraria voor een raadpleging van de huisarts, een huisbezoek of het globaal medisch dossier (gmd) stijgen vanaf januari met 3,33 procent. Maar de remgelden stijgen grosso modo evenredig mee, zodat de kosten voor de patiënt uiteindelijk nagenoeg gelijk blijven. Voor de chirurgen komt er geen indexering in 2019. Hetzelfde geldt voor een stuk voor technische prestaties, klinkt het. Voor andere prestaties geldt dan weer een indexering van 1,45 procent. Voor 2019 is een budget voorhanden van 131,8 miljoen euro om de erelonen van artsen te indexeren. Het gaat om een indexering van 1,45 procent op een totaalbudget van 8,4 miljard euro.

De conclusie ligt voor de hand: de grootste ziekenfondsen van ons land zijn niet in staat om een degelijk begrotingsbeleid te voeren. Tot die vaststelling komt ook het Rekenhof dat in september nog moest toegeven dat de overheid amper zicht heeft op hoe de ziekenfondsen hun werkingsmiddelen inzetten. Het Rekenhof dringt dan ook aan op meer transparantie.”Nu beschikken het Riziv en de Controledienst voor de ziekenfondsen (CDZ) over onvoldoende informatie om een doelmatige controle op de activiteiten van de ziekenfondsen te organiseren.”

Het is niet de eerste maal dat het Rekenhof tot die merkwaardige conclusie komt. In de eerste audit over de berekening van de administratiekosten van de ziekenfondsen had het Rekenhof het al over “een gebrek aan publiek beschikbare informatie”, waardoor het geen uitspraak kon doen over de “adequaatheid” van het bedrag. De recente audit was de laatste in een reeks van drie onderzoeken naar de werking van de ziekenfondsen, die het Rekenhof op vraag van het federaal parlement opstartte. De rode draad doorheen de drie studies is duidelijk: het gebrek aan beschikbare informatie maakt een grondige doorlichting van de ziekenfondsen de facto onmogelijk.

De ziekenfondsen die zo graag artsen onder vuur nemen, zwegen in alle talen. Nochtans hadden ze twee jaar voordien met minister van Sociale Zaken Maggie De Block (Open VLD) een Toekomstpact afgesloten om hun werking te moderniseren. In dat pact beloofden de ziekenfondsen om hun boekhouding transparanter en eenvormiger te maken tegen eind december 2018, maar voorlopig is het nog wachten op resultaat. De ziekenfondsen zouden volgens dat pact hun eigen interne controles in kaart brengen.

Rik Dessein, financieel manager bij de Christelijke Mutualiteit, gaf toe dat alles beter kon: “We geven nu al een oceaan aan informatie aan de controlediensten. We vinden dat we al goed gecontroleerd worden en niet te vergeten: onze leden boordelen ons ook aan het einde van de rit.” Maar die info blijkt volgens het Rekenhof “weinig bruikbaar”. Voor de toegang tot facturatie- en aanrekeningsgegevens hebben de ziekenfondsen “drempels ingebouwd”. Het gevolg, volgens de studie: “de controlediensten verzamelen de info momenteel vooral fragmentarisch”.

Er is echter zwaar weer op komst voor de ziekenfondsen. De N-VA wil na de verkiezingen –op zijn minst – de financiering van de ziekenfondsen volledig herzien. “We moeten eindelijk eens af van wat heilige huisjes”, zegt Kamerlid Valerie Van Peel, die mee aandrong op de drie audits door het Rekenhof. “De parameters waarmee nu berekend wordt hoeveel werkingskosten naar de ziekenfondsen gaan, goed voor één miljard euro per jaar, zijn compleet voorbijgestreefd.

In 1987 was er al een audit die daar vragen bij had. Dat doet het Rekenhof 31 jaar later opnieuw en er is nog altijd niets mee gebeurd. Als zelfs het Rekenhof niet kan weten wat er precies met die werkingsmiddelen gebeurt, wie dan wel? Niemand. Als ik in het parlement een vraag stel over een overheidsinstelling, krijg ik een transparant antwoord. Als ik iets vraag aan het ziekenfonds over haar wettelijke opdracht, niet.” Van Peel wil het niet allemaal op onwil steken. “Een deel van de huidige complexiteit is niet de schuld van de ziekenfondsen, maar van de historisch fout gegroeide wetgeving. Maar ik heb wel de indruk dat ze zelf niet staan te springen om mee te werken aan een betere controle. Ze blijven mist spuien, terwijl we volgens ons wel degelijk kunnen besparen op structuren.”

Dat gaat de Christelijke Mutualiteit nu inderdaad doen. Dit weekend lekte uit dat de CM stevig gaat afslanken. “We gaan op een gecontroleerde manier afbouwen. Nu niets doen is schuldig verzuim. De ganse sector is in verandering”, zegt Alain Florquin, personeelsdirecteur bij de CM. Die hervorming kreeg de naam “Plan Nova”. Middels een forse centralisering en digitalisering wil de directie van CM tegen 2022 intern orde op zaken stellen. Die omschakeling betekent dat er naar schatting 600 à 700 VTE”s (voltijdsequivalenten) zullen verdwijnen. “Daardoor kunnen er straks zelfs een paar duizend mensen een andere job krijgen binnen of buiten de CM”, zegt vakbondssecretaris Pieter Liagre van de huisvakbond LBC-NVK . Over concrete cijfers houdt de directie zich op de vlakte. “We willen nu geen ­paniekboodschappen uitsturen”, zegt ­Florquin, die de ongerustheid countert. “We gaan op een gecontroleerde manier afbouwen. Nu niets doen, is schuldig verzuim. De hele sector is in verandering”

Vooral in het middenkader zullen tegen 2022 jobs verdwijnen. Dat zorgt voor grote interne onrust. Veel mensen krijgen nu nieuwe functies aangeboden, maar op een lager niveau en met een lager loon. Bij tal van verschuivingen wordt het behoud van de loon- en arbeidsvoorwaarden ter discussie gesteld. “Daar is enorm veel bezorgdheid over”, zegt Liagre in de kranten van Mediahuis. Personeelsdirecteur Florquin geeft toe dat de CM uitgaat van het principe “de verloning volgt de functie”. “We willen een correcte verloning ten opzichte van de verantwoordelijkheid van de job. Bovendien willen we respect tonen voor het werk dat die mensen in het verleden voor ons ­gedaan hebben. We zoeken met de vakbond naar oplossingen. We hebben een grote groep loyale en goede werknemers, het is onze plicht om daar goed mee om te gaan.”

Komt daarbij dat het marktaandeel van de CM jaar na jaar afneemt. De verzekerden zijn lang niet allemaal trouw aan hun “zuil”. De Christelijke Mutualiteit blijft met een marktaandeel van 42 procent en meer dan 3 miljoen aangesloten Belgen de absolute marktleider. Maar van de klassieke ziekenfondsen groeien de Neutrale Ziekenfondsen elk jaar het sterkst. En nog sterker groeit de Hulpkas voor Ziekte- en Invaliditeitsverzekering (HZIV). Op 30 juni 2018 telde die Hulpkas ruim 74.000 leden. In één jaar is dat een stijging van bijna zes procent: aansluiten daar is kosteloos.

Marc van Impe

Bron : MediQuality

Stagnatie langdurig zieken niet gevolg van re-integratie

Nee, de kanteling van de grafiek langdurig zieken is niet, of toch zeker niet helemaal, te wijten aan het succes van de re-integratiecontracten. De re-integratiecontracten willen weliswaar de 400.000 langdurig zieken terug op de arbeidsmarkt brengen, maar de werkelijke oorzaak van de tendensbreuk is de demografie.

En wie een beetje zijn cijfers bijhoudt wist dat dit er aan zat te komen. De laatste lichting babyboomers in de leeftijdsgroep 55 tot 65 jaar, waar invaliditeit verhoudingsgewijs meer voorkomt, heeft nu de leeftijdscategorie 65-75 bereikt en is dus officieel niet langer beschikbaar voor de arbeidsmarkt. Met statistiek kan je alles bewijzen, zei mijn goede vader, Q.E.D..

Voor doemdenkers zag het er lang naar uit dat het bergafwaarts ging met onze maatschappij. In 2000 telden we “amper” 200.000 langdurig zieken. Van re-integratie was toen geen sprake. Integendeel wie langdurig ziek was en toch deeltijds aan de slag wou, al was het maar om mentaal niet te verstoffen, én om de royale uitkering van nog geen 800€ aan te vullen, verloor of zijn gegarandeerd “inkomen” of werd door de nijvere inspecteurs van het Riziv voor de rechter gesleurd.

Tot het aantal langdurig zieken in ons land vorig jaar de grens van 400.000 mensen overschreed. Alleen al deze legislatuur al kwamen er 100.000 langdurig zieken bij. Waarop in 2016 de toverformules re-activatie en re-integratie uit de kast gehaald werden. Of dat veel invloed heeft is zeer de vraag: in de leeftijdscategorie vijftig- en vijfenvijftigplus wordt een mens verhoudingsgewijs meer ziek, leert professor-emeritus Jozef Pacolet van het Leuvense Hoger Instituut voor de Arbeid. Het HIVA verricht wetenschappelijk beleidsgericht onderzoek dat heel concreet kan inspelen op actuele vragen van beleid, onder de slogan “We doen onderzoek dat werkt!”.

“Dat de stijging nu aan het vertragen is, komt omdat de babyboomers uit de leeftijdscategorie 55 tot 65 jaar nu opschuiven naar de categorie 65-75.” Het feit dat we nu om en bij de 400.000 langdurig zieken zitten heeft weinig of niets te maken met toenemende stress en ongezonde werkomstandigheden maar met het andere statistische gegeven dat de pensioenleeftijd voor vrouwen in 2015 nog maar eens werd opgetrokken en de grotere arbeidsparticipatie sinds enkele decennia van vrouwen. Komt daarbij dat niet iedereen werkt tot de pensioenleeftijd. Sommige werknemers nemen de bluts met de buil en slikken het lagere pensioen door en stappen dus vroeger uit de arbeidsmarkt.

De ministers Peeters en De Block die nu figuurlijk op hun borst kloppen hadden ook beter de rapporten van het Riziv gelezen, dat jaren geleden al voorspelde dat op een bepaald moment de kentering er aan zou komen. Uit een steekproef in 2016 bij 3.727 langdurig zieken die begeleid werden in de periode 2011-2015, bleek dat 29 % uitstroomde naar werk, 12 % kwam in de werkloosheid terecht en 59% bleef arbeidsongeschikt. “De beste trajecten en inspanningen kunnen mensen niet genezen,” verklaart professor Pacolet. “Uit de cijfers blijkt dus dat een kuur bij de VDAB mensen niet geneest.” Wat wel geneest is werkervaring, dus wie voorafgaandelijk werk had, bleek 35 % kans te hebben om nadien terug aan de slag te gaan. Omgekeerd is dat 22 %. En wie een opleidingstraject volgde, had meer kans om werk te vinden.

Waarmee ik zeker niet wil beweren dat de re-integratietrajecten geen zin hebben. Het is systeem is nog jong en moet nog tot maturiteit komen. Ook moet de mentaliteit van de langdurig zieke bijgesteld worden. De tendensverschillen in Vlaanderen en Franstalig België zijn wat dat betreft significant. Ook moeten zowel werkgevers in de privé sector als de overheid zelf, vooral op regionaal niveau, wennen aan de nieuwe opportuniteiten. Zo moet de overheid afleren om langdurig zieken in plaats kans op een gedeeltelijke re-integratie te bieden, definitief op pensioen te stellen. Het perverse resultaat daarvan is niet alleen dat de langdurig zieke soms met een belachelijk laag pensioen te maken krijgt voor de rest van zijn leven, maar ook dat elke kans bij deelname aan een re-integratieprogramma uitgesloten wordt.

Een woordvoerder van minister Maggie De Block liet weten dat cijfers van het aantal langdurig zieken die terug op de arbeidsmarkt komen via een re-integratietraject nog niet voorhanden zijn. De Nationale Arbeidsraad (NAR) moet zijn huiswerk nog maken. De ziekenfondsen moeten de trajecten nog in kaart brengen. En het RIZIV laat weten in juni over deze kwestie te communiceren. Nog twee keer slapen dus.

Marc van Impe

Bron: MediQuality

MediQuality reikt drie Awards uit

The annual MediQuality price awardVrijdagavond 4 mei had de vierde Lenteborrel van MediQuality plaats in de stilaan vertrouwde omgeving van Brasserie Canal in Vilvoorde. Onze Lenteborrel begint een begrip te worden in de medische wereld. Dat bewijst dat MediQuality meer is dan een nieuwssite en een nieuwsbrief. We zijn een community. Een platform voor al wie betrokken is bij de reilen en zeilen van de zorgwereld.

Eregasten waren minister Maggie De Block, die voor de vierde maal dat bij de uitreiking van onze jaarlijkse lezersaward aanwezig was. Burgemeester Hans Bonte, en professor Marc Noppen, CEO van het UZ Jette.

Dit jaar reikten we voor het eerst een award uit voor de beste bijdrage van een jonge arts. We zijn blij te mogen vaststellen dat ook de nieuwe generatie artsen hard nadenkt en filosofeert over hun metier. Deze eerste award gaat dit jaar naar de zevende jaarstudent Jonas Brouwers.

Stagiair dr. Jonas Brouwers reageerde op een column van mijn hand met kritiek op “de verloren nieuwe generatie artsen”. De nieuwe generatie artsen heeft weinig zicht op de frontlijn en heeft geen interesse in een leidinggevende functie of laat die rol aan mensen zonder klinische opleiding, schreef ik. “Als zevendejaars student geneeskunde voel ik me onmiddellijk aangesproken”, zegt Jonas Brouwers. Hij is het niet eens met mijn titel. “Studenten geneeskunde raken meer en meer geboeid door de veranderingen in de gezondheidszorg en beseffen dat zij hier deel van uitmaken. Ze zijn betrokken in de veranderingen van de zorg en liggen wakker van onderwerpen waar de vorige generatie artsen nog niet aan dacht. Meer en meer bestuursorganen raken zo ook geïnfiltreerd door jonge gemotiveerde artsen, mét klinische ervaring. Soms tot ergernis van die oude generatie artsen.”

Jonas heeft gelijk. Ik hanteerde een hyperbool met de bedoeling de spirituele oorkussens eens op te schudden. Het is gelukt. Jonas is lid sinds 2017. Hij werd als winnaar geselecteerd voor de categorie ‘jong talent’ omdat MediQuality meer aandacht wil geven aan jonge artsen. Zijn bijdrage heeft meer dan 5.000 kliks heeft gegenereerd en 12 reacties. We kijken uit naar nog vele bijdragen.

Onze tweede laureaat is van een generatie ouder: Dr. Georges Otte, neuropsychiater in Gent. Hij is lid sinds 2002 en schreef in 2017 meer dan vijf bijdragen. Hij is fijn, geestig, ad rem en intelligent. De bijdrage waarvoor hij de prijs ‘beste bijdrage’ ontvangt raakt een teer punt aan. Ik citeer: ” Recentelijk is het tot nu toe zwaarste element ontdekt. De naam van het nieuwe element is Administratium (Ad). Administratium heeft geen protonen en geen elektronen en heeft dus atoomnummer 0. Het heeft echter 1 neutron, 125 assistent neutronen, 75 vice-neutronen en 111 assistent vice-neutronen, zodat de atoommassa 312 is. Omdat er geen electronen zijn, is Administratium inert. Administratium kan echter chemisch gedetecteerd worden, omdat het elke reactie vertraagt waar het mee in contact komt. Onderzoekers hebben gemeten dat een minuscule hoeveelheid Administratium een reactie kan vertragen tot meer dan vier dagen, terwijl dat normale tijd een kwestie van seconden is. Administratium heeft een halfwaarde tijd van ongeveer drie jaar.”

Onze bestuurders zullen het element zeker herkend hebben. Zijn bijdrage werd meer dan 3000x aangeklikt. Er kwamen 15 reacties. Zelf postte hij 384 reacties gepost sinds hij lid is in 2002. Zijn reacties worden gewaardeerde door de andere lezers, ze zien hem als een autoriteit op de site. We hopen dat hij nog lang actief mag blijven en altijd zo onafhankelijk mag blijven denken.

De Franstalige winnaar dit jaar is dr. David Simon, huisarts in Mons. Hij riep op tot een staking tegen de invoering van het elektronisch voorschrift. “C’est avec enthousiasme que j’ai fait le choix, voici un mois, de prescrire des ordonnances électroniques. Aujourd’hui, j’ai décidé d’en revenir au papier.” Aldus dr. David Simon. “La raison de ce revirement est l’obligation surréaliste d’imprimer un code-barres sur une feuille de papier que le patient doit remettre au pharmacien. En clair, on va interdire la prescription sur papier tout en obligeant l’impression sur papier d’un code-barres. De qui se moque-t-on ? … » Hij is sinds 2002 lid en schreef in 2017 drie bijdragen. Dr Simon heeft 296 reacties gepost sinds hij lid is in 2002. Hij werd als winnaar geselecteerd omdat zijn bijdrage meer dan 5.000 kliks heeft gegenereerd en meer dan 45 reacties, zijn bijdrage positief en constructief bedoeld is en vele andere artsen heeft geïnspireerd en nog steeds actief is als huisarts in de regio Mons. Er ontspon zich een levendige discussie.

U weet dat MediQuality de controverse niet uit de weg gaat.

En dat onderscheidt ons van de anderen. Wij willen niet alleen reactief zijn en berichten over wat er gebeurt. Wij kiezen voor de proactieve weg. Wij zetten dingen op de agenda. Als het moet geven we kritiek. Als het goed is mag het ook gezegd. Wij laten zowel links als rechts aan het woord. Maar we hebben duidelijk een eigen, soms eigenzinnige mening. De minister erkende dit en onderstreepte het belang van een duidelijke opinie in de Media.

Op de avond was ook een flinke delegatie aanwezig van artsen in opleiding uit Noord en Zuid.

Marc van Impe

Bron: MediQuality

The annual MediQuality price award  Medi q 48

 

Medi Q 3

Foto’s : © MediQuality