Gezond drinken bestaat tóch niet

Gezond drinken bestaat niet. Dat blijkt uit een nieuwe internationale overzichtsstudie op basis van gezondheidsgegevens van 600.000 drinkers in negentien landen. De megastudie die vandaag in het The Lancet verschijnt, lijkt de definitieve dolksteek in de rug van het idee van ‘het ene gezonde glaasje’ te zijn.

Om gezond te blijven mogen mensen maximum het equivalent van 100 gram pure alcohol per week nuttigen, schrijven de auteurs in The Lancet. Wie meer drinkt, verhoogt het risico op hart- en vaatziekten. Voor de studie werden 83 onderzoeken van 1964 tot 2010, die in verschillende landen liepen, met gegevens van bijna 600.000 alcoholdrinkers,naast elkaar gelegd. De levensverwachting van mensen die meer dan 100 gram alcohol per week nuttigen, wordt ingekort met 6 maanden. Vanaf 200 tot 350 gram per week is dat 1 tot 2 jaar, en voor meer dan 350 gram tot vijf jaar. Geheelonthoudende vrouwen worden gemiddeld 1,3 jaar ouder dan de één-glas-per-dag-drinksters.

Verlaag de adviezen voor gezond alcoholgebruik, schrijven de onderzoekers van meer dan honderd universiteiten, die bij de studie betrokken waren.

Er is eigenlijk maar één uitzondering en dat is dat een glas alcohol per dag de kans op een niet-dodelijk myocardiaal infarct (in de volksmond ‘hartaanval’ genoemd) iets verkleint. ‘Maar dit weegt geenszins op tegen de andere wel dodelijke gevolgen van alcoholinname’, schrijven de onderzoekers.

Ondertussen blijkt dat het Amerikaanse NIH de alcoholindustrie gesteund heeft: omdat een studie over de invloed van alcoholreclame op de jeugd de verkeerde uitkomst bracht, trok Dr. George Koob, directeur van het NIH’sInstitute on Alcohol AbuseandAlcoholism, de fondsen in. Sterker nog: hij verzekerde de alcohollobby dat dergelijke “vergissingen” niet meer zouden gebeuren. Koob verzekerde dat het agentschap de financiering van dergelijk onderzoek zou terugtrekken.

In 2014 en 2015 overtuigde de NIH de alcoholdrinkindustrie om tientallen miljoenen dollars bij te dragen aan een onderzoek naar de vraag of matig drinken goed was voor het hart.

De wetenschappers ontvingen een NIAAA toelage, die ruwweg $600.000 per jaar van 2011 tot 2014 ontvangt om gegevensvergaring, analyse, en het werk van hun gediplomeerde studenten en postdoctorale bursalen te financieren. Hun “ABRAND”-studie – “Alcohol Brand Research AmongUnderage Drinkers” – leverde uiteindelijk 27 papers op die werden gepubliceerd in gerespecteerde tijdschriften, waaronder een in 2014 die een sterke link vond tussen wat alcoholmerken tieners zagen op televisie geadverteerd in de afgelopen 30 dagen en welke merken ze dronken.

Marc van Impe

http://www.thelancet.com/journals/lancet/article/PIIS0140-6736%2818%2930134-X/fulltext

Europa geeft meer openheid inzake voedselstudies

De Europese Autoriteit voor Voedselveiligheid (EFSA) gaat de studies over voedselveiligheid voor het publiek toegankelijk maken. Op die manier wil de EFSA het vertrouwen verhogen na alle ophef over de onkruidverdelger glyfosaat. De Europese Commissie wil de consumenten beter inzicht geven in de wijze waarop de risico’s worden bepaald.

De studies over bijvoorbeeld de toelating van pesticiden door worden toegankelijk voor iedereen, evenals het onderliggende onderzoeksmateriaal van fabrikanten. De lidstaten en het Europees Parlement moeten het voorstel nu goedkeuren.

De EFSA kan wel besluiten bepaalde bedrijfsgeheimen of documenten die commerciële belangen kunnen schaden niet openbaar te maken. Burgers en maatschappelijke organisaties krijgen recht op inspraak. “Mensen hebben absoluut gelijk dat ze vragen om de hoogste standaarden van transparantie en onderzoek als het om hun gezondheid en die van hun kinderen gaat”, aldus vicevoorzitter Frans Timmermans van de Europese Commissie.

Met deze aanpassing van de Algemene Voedselwet uit 2002 reageert de commissie op het Europese burgerinitiatief van meer dan 1 miljoen Europeanen. Ze riepen vanwege de gezondheidsrisico’s op tot een verbod op de onkruidverdelger glyfosaat en openbaarmaking van rapporten bij het beoordelen van bestrijdingsmiddelen.

Het voorstel voorziet verder in een Europees register voor studies, om te garanderen bedrijven geen ongunstige rapporten achterhouden. Ook gaat de commissie via ‘risicocommunicatie’ meer uitleg geven over beoordelingen van de EFSA.

Greenpeace reageert negatief en stelt in een reactie dat chemische bedrijven de controle blijven houden over de wetenschap achter het toelaten van pesticiden. De EU zou al het onderzoekswerk doen, betaald door het bedrijfsleven. De organisatie noemt het publiceren van testresultaten die bij een verzoek tot toelating worden aangeleverd het absolute minimum. Tot nu worden daar alleen samenvattingen van vrijgegeven.

Marc van Impe

Bron: MediQuality

Moslimstudenten geneeskunde : De Islam is moderner dan Freud

In onze vorige column signaleerden we een mogelijke problematiek rond de gescheiden praktijkopleiding van mannelijke en vrouwelijke studenten geneeskunde. Maar hoe kijken moslimmeisjes aan tegen een studie waarbij het menselijk lichaam en onvermijdelijk de eigen lichamelijkheid centraal staat? Artsen in opleiding moeten een medisch onderzoek uitvoeren en ondergaan, een essentiële praktijkervaring voor een arts in wording. Dat betekent aanraken. Er zijn in België nog geen incidenten daarrond die zoals in Nederland voor de rechtbank uitgevochten worden. Daar vertikten studentes geneeskunde dit aspect van de opleiding en eisten een vrijstelling van het Erasmus MC. “Ze beroepen zich op de vrijheid van godsdienst en de onaantastbaarheid van het lichaam, zoals vastgelegd in de grondwet.” Erasmus MC kende uiteraard geen vrijstelling toe en de kwestie kwam voor het College van Beroep. Er is een soortgelijk geval in Engeland geweest, met vrouwelijke moslim-medici die eisten dat ze bij alle medische handelingen lange mouwen mochten dragen in plaats van de gebruikelijke korte. Dat is om redenen van hygiëne afgewezen.

Het gaat om een principekwestie. Kinderen moeten sekse-gescheiden leren zwemmen. Vrouwen de hand schudden is in een ziekenhuis geen vermijdbare sociale interactie maar om hygiëneredenen ongewenst. Maar artsen die ons contacteerden en die betrokken zijn bij de dagelijkse opleiding van studenten geneeskunde zeggen dat we geen duimbreed meer moeten toegeven “aan dit soort waanzin”, omdat we dat de afgelopen decennia al veel te veel gedaan hebben. “Vrijheid van godsdienst is geen ‘extra privilege van godsdienst’. Niemand heeft de moslimas gedwongen medicijnen te gaan studeren,” zegt een dokter in een groot Brussels ziekenhuis. Hij veegt het argument dat hij door zijn houding moslims discrimineert, van tafel: “Het is niet zo dat hoogopgeleide bijna-dokters worden weggepest. Als je niet bereid bent lichamen aan te raken of te aanschouwen moet je geen arts worden. Punt.” En wat met dames die een vrouwelijke gynaecoloog prefereren en bij hun bevalling alleen door een vrouwelijk arts willen geholpen worden?

Malika is van Marokkaans-Belgische afkomst en studeert zesde jaar geneeskunde. Via een studente Journalistiek, kom ik met haar in contact. Ze is uitgesproken knap, en noemt zich een moderne moslim feministe. In het café waar we praten trekt ze de aandacht. Ze drinkt een glas witte wijn.

In de praktijk ervaart ze dat meisjes en vooral moslimmeisjes bij elkaar hokken. “Bij de basisopleiding ‘leerden’ we de basishandelingen op een echt lichaam. Maar wat bepaalde vaardigheden betreft, daar heb ik «natuurlijk» moeite mee. Op bepaalde momenten moesten we bij elkaar oefenen en onze bovenkleren uitdoen. Wie weigerde, viel er buiten. Toen vond ik de psychologische druk wel erg hoog.» Volgens haar moet het mogelijk zijn dat je een goede dokter wordt zonder op elkaar, laat staan op jongens, te oefenen. Malika beseft dat de moslima die bezwaar maakt dat de mannelijke dokter haar huid aanraakt, het risico loopt dat de arts geen juiste diagnose kan stellen. “Dus gaat de moslima’s op zoek naar liefst een vrouwelijke islamitische huisarts. Wordt ze doorverwezen naar een specialist, dan zal ze op zoek gaan naar een islamitische specialist van het vrouwelijk geslacht. We weten dat de meeste moslima’s niet willen worden geholpen door een mannelijke gynaecoloog. Dat geldt niet exclusief voor moslima’s. Is er in het ziekenhuis geen vrouwelijke arts beschikbaar, dan gaat de aanstaande moslimmoeder naar een ziekenhuis waar wel een vrouwelijke arts dienst heeft. Dat is in Brussel geen probleem. Sommige hospitaalverzekeringen maken daartegen bezwaar. Ambulancekosten worden niet vergoed. ” Dat op die manier een extra tweedeling in de zorg ontstaat, noemt Malika een ongelukkige consequentie. “Maar daar zal over een paar jaar verandering in komen, het moslimpatïenteel wordt gestaag groter. Dat “ongelovigen” zich wel een behandeling door moslimartsen laten welgevallen, vindt Malika niet abnormaal, “maar ware moslima’s weigeren behandeling door mannelijke artsen, zeker als ze ongelovig zijn.” Een oplossing bij de opleiding zou zijn dat studenten oefenen op moslimmensen van buitenaf die zich tegen betaling ter beschikking stellen.

Volgens Malika heeft dit niets met het overwinnen van schaamte te maken. “Schaamte wordt in België onderdrukt, het is taboe geworden, omdat we men zich in dit land nog altijd overdreven afzet tegen de oude christelijke moraal. Men “moet zich hier bloot geven” wat een inbreuk is op de integriteit van het lichaam.” Maar anderzijds zegt ze : ” In een situatie tussen dokter en patiënt waarin gezondheid op het spel staat, denkt niemand aan seksuele dingen.” En dan volgt het onvermijdelijke citaat uit de Hadith: “In de tijd van de profeet Mohammed gold dat als je last had van je hoofddoek bij het helpen van gewonden, je deze mocht afdoen. Je moet nooit zeggen dat iets uit de tijd van de profeet nu niet meer geldig is.”

Malika draagt in het ziekenhuis geen hoofddoek. Maar buiten bij de bushalte slaat ze hem gelijk om: “God schrijft voor dat je je als gelovige bescheiden moet kleden, omdat je aan iedereen laat zien dat je alleen bestemd bent voor God en je eigen man, en omdat je de maatschappij als geheel beschermt tegen al die echtscheidingen. Als iedereen zich zo bloot geeft op straat zijn er veel te veel seksuele prikkels. Het vergt veel van een mens om al die prikkels die de natuur interpreteert als seksueel te weren. De Islam is moderner dan je denkt. Meer dan een eeuw voor Freud heeft de Koran het over het Ik en Ander Ik. In de koran staat dat het Ik dat tot kwaad aanzet, door het geweten berispt moet worden. Het in de hand houden van te veel seksuele prikkels in het dagelijks leven zorgt ervoor dat het Andere-Kwade-Ik niet de vrije hand krijgt. Je moet daarom rust in je ziel ontwikkelen. Een man mag zich ook niet te macho kleden.” Als er in ons land een hoofddoekverbod in ziekenhuizen zou komen, zoals in Frankrijk, zal Malika verhuizen. Alleen weet ze niet goed waarheen. Frankrijk is uitgesloten, daardoor liep ze ook al een stage mis in een Parijs ziekenhuis. Nederland is ook uitgesloten, want ze heeft het idee dat Nederland nog meer dan België zijn culturele identiteit verloren heeft en daarom angst, jaloezie en onbegrip heeft voor de moslims. Daar vond bij een stage in een ziekenhuis ook het incident plaats met het onderzoek op elkaars lichaam.

Bij het begin van het gesprek zei Malika dat ze een moderne moslima en feministe is. Gaandeweg lijkt ze me meer op een adept van de conservatieve islam, zeg ik. Daar is ze het niet mee eens: “De islam heeft ons alle rechten gegeven. Betekent bevrijding dat je je kleren helemaal uitdoet?” Ik ben het die in deze cultuur en geloof continu voortdurend door elkaar haalt. Ze laat me gaan met eens wens: “Laten we hopen dat autochtonen en allochtonen een beroep doen op hun beste moraal om in vrede met elkaar te blijven leven.” Terwijl ze het café verlaat, bedenk ik: “Wat ook nog zou kunnen, is dat Malika zelf niet eens zo’n bezwaar heeft tegen lichamelijk onderzoek, maar voor het thuisfront haar ‘eer’ moet hooghouden.”

Marc van Impe

De naam Malika is op haar verzoek gefingeerd. De betrokken studente loopt cursus aan een Franstalige universiteit.

 

Bron: MediQuality

Depressie is slechte televisie

Meer bewustwording over depressie is een goede zaak, jammer dat dit onderwerp zo banaal aan het worden is dat het omgekeerde bereikt wordt. Je kan de televisie niet aanzetten of je wordt geconfronteerd met mensen in een kringetje die wat over zichzelf vertellen. En dan komt het: Depressie. Wanen. Angsten. Zelfverminking. Burn-out. Paniekaanvallen. Posttraumatische stressstoornis. Ik vrees dat de kijker twee mogelijke reacties heeft: “hé, dat heb ik ook” of zappen naar een volgende zender.

Het meest erger ik me aan depressieve mensen die gedurende een aantal weken, jaren soms, zichzelf filmen. Depressie is een gruwelijke ziekte. Een ziekte die moet behandeld worden en waar sommige artsen nog altijd veel te weinig aandacht voor hebben. Maar depressie maakt van iemand geen goede cineast of regisseur. Niet alleen de patiënt zit in de put, ook de kijker raakt ervan in de put. Laat ik een vergelijking maken: een van de therapeutisch hulptechnieken is de frustratie van je af schrijven. Dagelijks worden wereldwijd door patiënten tienduizenden dagboeken ingevuld, verhalen geschreven over een slechte jeugd, een miserabele relatie, een stukgelopen vriendschap, over eenzaamheid, obsessie, lethargie, vermoeidheid. Al die verhalen worden gelezen door therapeuten, psychologen, soms door een geduldige vriend. Sommige verhalen worden pas gevonden nadat de auteur uit het leven is gestapt. Af en toe wordt zo’n verhaal, omwille van zijn literairen kwaliteiten, opgepikt door een uitgever. Het wordt een boek. Meestal is dat geen succes. Het mag verkopen, honderdduizend exemplaren zelfs, maar de ervaring leert dat het na een paar hoofdstukken liggen blijft.

Ik zie acht jongeren die tien weken lang zichzelf filmden, ook als ze helemaal in de put zaten, juist dan liefst. Het lijkt op een werkstuk van The Factory van Woody Allen. Niet om aan te kijken. De presentator knikt begrijpend. Is dit taboedoorbrekend? Een goede zaak: meer bewustwording kan schaamte doen verdwijnen, pijn verzachten en levens redden. Maar moet dit zo? Dan volgt De Depressie Kennistest, waarin nog eens bekende mensen openhartig vertellen over hun depressies. Een vlogger vertelt over haar burn-out en een dj komt in zijn uitzending uit de kast. Een omroepster vertelt hoe ze na een wereldreis “helemaal anders” terugkwam. Een populaire Sombermans vertelt als psychiater dat depressie zelfs een vereiste kan zijn voor goede kunst. Nog meer clichés. Ik bedenk: depressie verwordt zoals dieetkunde. Iedereen heeft zijn mening, iedereen zijn advies, elkeen zijn methode. Weinig helpt.

Geloof me: een depressie is een monster, ze kan blijvend zijn en levenslang duren, en ze kan voorbijgaan. Ze wordt erger door de reacties van de omgeving, van mensen die denken dat een depressie makkelijk te begrijpen is. Daar horen ook heel wat professionele hulpverleners bij. Veel suggesties zijn totaal nutteloos: goed bedoeld en ronduit schadelijk. Wie depressief is is ziek, niet noodzakelijk droevig. Depressieve mensen hebben waarschijnlijk al samen met hun arts of therapeut allerlei behandelingen geprobeerd. Dat begint meestal met gesprekstherapie, eventueel in combinatie met antidepressiva . Er is ook geen gebrek aan massage, acupunctuur, yoga, kristallen enzovoort. Depressieve mensen proberen alles. Je kan het niet verzinnen of het is geprobeerd en het helpt niet.

Als je de televisieprogramma’s bekijkt begin je te geloven dat een depressie toch interessant is! Wie suggereert dat positief denken het probleem zal oplossen, zegt eigenlijk dat depressieve mensen zelf verantwoordelijk zijn voor hun ziekte. Dat is beschamend en frustrerend voor mensen die diep in het dal zitten. Stel u voor dat iemand uw voet amputeert en u daarna de raad geeft om hem terug te doen groeien. Depressie heeft wel te maken met een verstoord evenwicht in de hersenen, in de darmen blijkt nu ook. In dat opzicht zit ze letterlijk tussen de oren en in de buik. Depressie kan ook een reactie op medicatie zijn. Suggereren dat dit geen ‘echte’ ziekte is, is beledigend en pijnlijk. Zeggen dat het ‘denkbeeldig’ is: dat is nonsens. Het ergste is zeggen dat u het u wél kunt voorstellen. Depressie is een geestesziekte die levenslang kan duren. Er bestaat geen wondermiddel tegen depressie, de medicatie is niet altijd betrouwbaar en de toestand zal in de tijd variëren. En de vraag stellen of de patiënt echt zoveel therapie of medicatie nodig heeft, is dom. Punt.

Mensen met een depressie hebben het vaak te druk hebben met overleven. Het is hun taak niet om ervoor te zorgen dat hun omgeving zich beter voelt. En evenmin om uitleg te geven over hun depressie en braaf elke keer opnieuw op altijd dezelfde vragen te antwoorden. Laat hen zelf het initiatief nemen om erover te praten, maar onthoud dat een depressie een sterk gevoel van isolement kan geven. Er gewoon zijn voor de ander, en het niet opgeven, kan al een vorm van steun zijn. Dat kan betekenen dat u iemand blijft uitnodigen, ook als hij of zij vaak weigert. Of dat u eten brengt of met het huishouden helpt, naar de apotheek gaat of een lift geeft. Dat zijn geen algemene regels, want de behoeften van mensen met een depressie variëren enorm. Maar het is een begin.

Tenslotte nog dit: een van de eerste depressieverhalen gaat over Koning David. In Deuteronomium is shigaon – een voorgangersterm voor de gemeenschappelijke Jiddische uitdrukking meshuggeneh, of gek – een van de vormen van goddelijke vergelding voor hen die het woord van God niet in acht nemen. Daar was David, zoals een beetje christen weet, goed in. God zegt dat het Joodse volk “m’shuga” zal worden als een vreemd volk zijn gewassen steelt en misbruikt. God definieert depressie dus als een resultaat van machteloosheid en frustratie. Mesjogge dus.

Marc van Impe

 

Bron: MediQuality

Tegenwoordig worden echtbrekers ontmaskerd aan de hand van hun smartphone

Mijn vriend is het slachtoffer geworden van Facebook, van Twitter, van WhatsApp, kortom van zijn hele smartphone. Zijn vouw heeft hem stante pede aan de deur gezet wegens overspel. Niet na de ontdekking van lipstickvegen op zijn kraag, een vreemd parfum dat in zijn haren kleefde of het feit dat hij ineens modieuze slips ging dragen maar omwille van een argeloze beweging met zijn duim waarbij hij in een milliseconde een eind maakte aan een verhouding die wij met z’n allen sinds jaren als bijzonder “interessant” beschouwden.

Wij waren de koele bewonderaars van zijn flamboyante omgang met de mooiere en vooral jongere exemplaren van het andere geslacht, terwijl thuis en in het ziekenhuis een prima donna hem ogenschijnlijk aan de leiband hield. Niet dus. Onze Don Juan in de witte jas, die dé propagandist van Tinder was, heeft de mogelijkheden van het digitale tijdperk danig onderschat, wat er toe geleid heeft dat zijn speelplein niet verruimd maar plots verkleind is. Hoe meer mogelijkheden, des te meer kans op een blunder. Dat weet iedereen die een multiple choice examen heeft ingevuld. En blunderen betekent in deze tijden waar het op snelle reflexen aankomt, tot een gênante afgang. Ik heb het ooit meegemaakt dat ik een te haastig geposte liefdesboodschap met een stokje en wat stroop uit de postbus haalde. Dat waren nog eens tijden. Maar een unsend knop staat nu nog altijd niet standaard op een klavier. Of hoe een minuscuul vingerbeweginkje een heel leven in de splinters kan jagen.

We bespreken de dingen van de dag. Dat wil zegen dat hij geen ogenblik zwijgt. Hoe hij het verkeerde verstuurde appje niet kon tegenhouden begrijpt hij nog niet. En ramp boven ramp stuurde hij enkele ogenblikken later nog een foto. Gelukkig niet van zijn Weiner, maar het scheelde niet veel. Helaas kwamen de lustboodschappen en de foto’s via de WhatsApp-groep ook bij de verkeerde bestemmeling terecht. Dat kan gebeuren als je officiële geliefde en je lustpoes op twee letters na dezelfde naam dragen. Vroeger kon je als je verkeerd verbonden werd , zwijgen en inhaken. Nu hang je aan de haak nog voor je iets kan zeggen.

Hoe het nu verder moet weet hij nog niet. Even heeft hij aan polyamorie gedacht maar daar is hij zelf dan weer te jaloers voor. Anderzijds verdraagt hij het niet alleen te moeten slapen. Ik zeg hem dat er binnenkort een digitaal gestuurde bijslaper op de markt kom, een soort van groot, verwarmd kussen dat zich aanpast aan je hartritme en zachte snurkgeluidjes maakt. Hij bekijkt me alsof ik hem wil introduceren in een West-Vlaamse zeugenfokkerij.

Bekijk het alsof je uit een rijdende trein gevallen bent, zeg ik: je ligt na naast de rails. Je kan opstaan, en de reis te voet verder zetten, of op de sporen gaan liggen en wachten op de volgende trein die komt aanstormen. Maar dat kan, gezien het Dutordoir-effect wel even duren. Laatst spoorden we in vier uur van Vilvoorde naar De Panne. Je krijgt veel trein voor je geld. En terwijl je wacht heb je veel tijd om je te bedenken. Hij luistert niet eens. Zijn Tinder heeft gepingd.

Marc van Impe

Bron: MediQuality

Headset laat stommen praten

MIT-onderzoekers Arnav Kapur, Shreyas Kapur en Pattie Maes hebben een bizarre Headset gemaakt waarmee je kan communiceren zonder te spreken. De nieuwe computerinterface werkt volledig handenvrij en zonder stem, maar leest in tegenstelling tot wat je dacht evenmin op je hersengolven. In plaats daarvan is de techniek gebaseerd op iets wat subvocalisatie of stille spraak wordt genoemd – wat je doet als je woorden in je hoofd zegt maar deze niet uitspreekt. De AlterEgo bestaat uit een draagbare headset die als het ware rond het oor en de kaak van de drager gewikkeld is, en uit een computersysteem dat de gegevens die door de headset ontvangen worden vervolgens vertaalt.

Hoofdonderzoeker Arnav Kapur van het MIT Media Lab noemt het nieuwe apparaat niet Artificiële maar Vermeerderde Intelligentie. “Ons idee was een computerplatform te bouwen dat inwendig werkt, dat mens en machine op een of andere manier versmelt en dat aanvoelt als een intern verlengstuk van onze eigen cognitie.” Bent u nog mee? Het systeem werkt een beetje als een myoëlektrische prothese. Wanneer je van plan bent een handeling uit te voeren, sturen je hersenen elektrische signalen naar je spieren om ze te vertellen wat ze moeten doen. Bij een prothese wordt elektromyografie gebruikt om die elektrische signalen te capteren en vervolgens te vertalen in signalen die de robotprothese vertellen welke handelingen de gebruiker van plan was uit te voeren. Spreken is iets complexer, maar het basisconcept is hetzelfde. Als je aan een woord denkt, stuurt je brein de signalen naar de spieren van je gezicht en keel om dat woord vorm te geven waarna je gaat spreken. Dit wordt subvocalisatie genoemd, en veel mensen doen het tijdens het lezen.

De AlterEgo headset bestaat uit elektrodesensoren die op die gebieden van het gezicht en de kaak van de drager kleven waar die signalen het sterkst en het meest betrouwbaar zijn. Het team van Kapur heeft die plaatsen gedefinieerd. Via botgeleiding ontvangt de koptelefoon die als een wrap rond de buitenkant van het oor van de gebruiker zit, de boodschap. Dus geen draadjes of bluetooth maar geluidtransport direct door het bot van de schedel, waardoor de oren vrij blijven om de wereld om je heen te horen. De sensoren stellen de drager dus in staat om stil met de computer te ‘praten’ door woorden te denken, en de computer praat terug via de hoofdtelefoon – zoals een Google of Siri waarmee je kan praten maar dan zonder dat je in een drukke straat ‘OK Google’ of ‘Hey Siri’ hoeft te zeggen. Je kan dus vragen stellen en antwoorden krijgen, sommetjes maken, de weg zoeken of een interne nota maken. Omdat de neuromusculaire signalen van elke drager iets anders zullen zijn, moet het systeem het “accent” van elke gebruiker leren en vereist het apparaat wel nog steeds kalibratie voor elke individuele gebruiker. Voor het prototype AlterEgo creëerde het onderzoeksteam taken met beperkte vocabulaires van elk ongeveer 20 woorden. Een daarvan was een rekenkundige taak, waarbij de gebruiker grote optelsommen of vermenigvuldigingen kan subvocaliseren. Een andere topepassing was schaken, waarbij de gebruiker subvocale commando’s geeft met behulp van de standaard schaaknummeringsysteem.

Voor elke toepassing, pasten de onderzoekers een neuraal netwerk aan om bepaalde neuromusculaire signalen die aan bepaalde woorden beantwoorden in kaart te brengen. Zodra de basiswoordsignaalconfiguraties in de AlterEgo zijn geprogrammeerd, kan het die informatie bewaren, zodat het aanpassen voor nieuwe gebruikers een veel eenvoudiger proces wordt. De onderzoekers testten AlteEgo uit op 10 gebruikers. De kalibratie voor rekenkundige taken het kalibreren aan hun eigen neurofysiologie duurde 15 minuten, de taak zelf nam 90 minuten in beslag. De foutenmarge was 8%. Wat volgens Kapur bij met regelmatig gebruik zou verbeteren. Op dit ogenblik werkt men aan complexere gesprekken. Kapur. “Ik denk dat we op een dag een volledig gesprek zullen kunnen voeren, wat enorme gevolgen zal hebben, vooral als we een communicatie van mens tot mens kunnen bewerkstelligen. En daar liggen de eerste medische toepassingen in het verschiet. Stemlozen zullen op die manier kunnen communiceren, ervan uitgaande dat ze nog steeds gebruik maken van de spieren in hun kaak en gezicht. Het team presenteerde hun onderzoek tijdens de Proceedings of the 2018 Conference on Intelligent User Interface, een conferentie die op 7-11 maart in Japan werd gehouden. Kapur ziet u hier aan het werk https://youtu.be/RuUSc53Xpeg

Marc van Impe

Bron: MediQuality

It can be read in full online here. https://dam-prod.media.mit.edu/x/2018/03/23/p43-kapur_BRjFwE6.pdf

‘Netflix’ voor 3D-operatiefilms

Het Amsterdamse bedrijf Incision is een soort Netflix voor 3D-films van operaties. Medisch specialisten worden ermee bijgespijkerd in de kneepjes van het vak. Bij Incision geloven ze heilig in digitaal opleidingsmateriaal. Anatomie nieuwe stijl. De snijzaal anno 2018.

Het bedrijf staat hier niet alleen in. AMC en VUmc bouwen samen in Zuidoost een grote techkliniek met twaalf operatie­kamers en meerdere simulatoren waar jaarlijks circa 3000 medisch specialisten hun operatievaardigheden kunnen oefenen, zonder dat daar patiënten mee gemoeid zijn.

Als een specialist de operatiekamer op komt, moet hij maximaal getraind zijn, is het idee. Uiteindelijk wil Incision ook instrumenten koppelen aan de video’s, zodat chirurgen ‘droog’ kunnen oefenen. Maar de eerste stap is het filmen van de operaties. De teller staat op 231 films. Als Incision Academy echt alle operaties in beeld zou brengen dan komen ze uit op circa 800 tot 1000 video’s. Het bedrijf heeft contracten met 25 ziekenhuizen in Indonesië, India, Turkije, Kenia, Ghana en Nederland. De video’s worden daar gebruikt om medisch specialisten op te leiden. Incision wil ook samenwerken met Belgische partners en wil een internationaal opleidingsplatform worden.

Marc van Impe

 

Bron: MediQuality